Het spelen van een goed bordspel is natuurlijk allereerst gewoon erg leuk. Maar elk spelen is tegelijk ook leren. Vaak ongemerkt, maar zeker nuttig voor kinderen. Waarom vinden we dan zo weinig spellen op school?
Aan de kinderen zal het niet liggen. De strijd tussen een leuk bordspel en rijtjes sommen is snel beslist. Toch: als er al een spelletje op de schooltafel verschijnt, dan is het bij de kleuters. Of pas na schooltijd bij een enthousiaste meester die een paar jongens dammen leert. Structureel inpassen in het lesprogramma is zeker niet gebruikelijk. Paulus van Galen pleit al jaren voor een apart schoolvak dat zich uitsluitend toespitst op het spelen van spellen. In een interview in Méllon magazine gaf hij zijn visie. Hieronder -met toestemming- enkele uitvoerige citaten.
"Ik gaf jarenlang Go-kennismakingslessen aan kinderen uit het basisonderwijs en binnen clubs die het spel beter wilden leren kennen. Mede door deze ervaring raakte ik ervan overtuigd dat spellen een ideaal middel zijn om de persoonlijkheid van een individu te ontwikkelen, net zoals de onderlinge relaties binnen een groep. Het probleem is echter dat deze eigenschap van gezelschapsspellen nauwelijks erkend wordt. Spelen wordt nog steeds beschouwd als een aangename vorm van tijdverlies, terwijl het ondertussen bijdraagt tot de mentale ontwikkeling van kinderen en volwassenen."
"Dat het de hersenen in werking zet, is misschien zelfs té algemeen uitgedrukt. Beter is om even in te zoomen op geestelijke en sociale vermogens. Als je in de lagere en middelbare school regelmatig spellen speelt, leer je bijvoorbeeld al vroeg omgaan met verlies, wat onder meer een voedingsbodem wegneemt voor agressief gedrag. Een ander pluspunt is het vermogen om je te concentreren, om strategisch na te denken en om elementen met elkaar in verband te brengen. Verder kan een maatschappij enkel bestaan door middel van zekere spelregels en respect voor de ander. Daarbinnen moet je nu eenmaal functioneren. Ook deze les kunnen kinderen halen uit het spelen van spellen."
"De opleiding tot sportleraar of –lerares is helemaal ingeburgerd. Zo krijgt het lichamelijke welzijn van jongs af aan de nodige aandacht. Het is terecht dat sport als een belangrijk deel van de opvoeding beschouwd wordt maar anderzijds is er geen ruimte voor denksport die tegelijk ook gunstig is voor de ontwikkeling van diverse sociale en intellectuele karaktereigenschappen. Zou het niet zinvol zijn om een opleiding in te richten tot spelleraar of –lerares?"
"Deze lesgevers zouden een breed overzicht moeten hebben van beschikbare bord- en kaartspellen. Die kunnen dan afhankelijk van de situatie in de klas worden ingezet. Het voordeel dat hier speelt, is dat spellen een katalysator zijn om te zien hoe personen functioneren in de groep en als individu. Vervolgens kan gewerkt worden in wisselende groepjes, de lesgever kan inspelen op kinderen die zich afzijdig houden, enzovoort. Op die manier wordt zowel een individuele als groepsbegeleiding mogelijk. Het werken via groepsactiviteiten wordt in Nederland al vaker toegepast in het onderwijs, en volgens mij is dit ook de methode van de toekomst. Het systeem van lesgeven waarbij de leraar aan het bord blijft staan en de massa toespreekt, zonder veel interactie, lijkt me helemaal achterhaald." Aldus Paulus van Galen.
Een speciale leerkracht is misschien een te grote stap ineens. Toch lijken de argumenten sterk en minimaal een experiment waard. Zou het niet als een 'aanvullende bevoegdheid' kunnen, zoals voor bewegingsonderwijs? Of als een afstudeervariant in het laatste jaar op de Pabo?
Spelend leren is toch een heel moderne onderwijsvisie. Ik vraag me wel af of scholen in het overvolle lesprogramma ook hiervoor nog een gaatje kunnen vinden. Als ik de krant moet geloven, is er eigenlijk al geen tijd voor basisvaardigheden als rekenen en taal. Misschien zijn er goede spellen die één en ander combineren?
Bron: Méllon magazine
Interessante link: ICT en onderwijs
dinsdag 12 februari 2008
"Waarom geen apart schoolvak spellen spelen?"
Labels: Kinderen
0 reacties:
Een reactie plaatsen